Tralies uit de weg
  • home
  • visie
  • verloop gesprekkenreeks
  • data
  • vorming
  • getuigenissen
    • Getuigenis van Lieven Brouckaert
    • Getuigenis van Rik Denys
    • Getuigenis van Ludo Van de Velde
    • Getuigenis Marijke Deconinck Vredeswake 2016
    • Getuigenis van aalmoezenier Leo De Weerdt
    • Een gedicht als getuigenis
    • Getuigenis van een gevangene 2
    • Getuigenis van Nele
    • Getuigenis van een gevangene 1
  • lectuur
  • films
  • links uit de actualiteit
    • eerste transitiehuis in Mechelen
    • Twee keer eenzame uitvaart
    • Achter de spiegel
    • We zijn toe aan een grote herziening van het systeem
    • In detentiehuizen staat re-integratie wél centraal
    • Niet alleen de vermolmde gebouwen, ook de visie op detentie is aan een grondige renovatie toe
    • Humaniteit in gevangenissen in gevaar
    • Drugsverslaafden in de gevangenis
    • Ons gevangeniswezen is medeverantwoordelijk voor de terreur
    • Aanmeldpunt moet ermee ophouden
    • Uit het column van Griet Op de Beeck
    • Reactie van Tralies uit de weg op belemmering van re-intergratie in de maatschappij
    • "Ik heb veel hoop gezien bij de jongeren in Ruiselede"
    • Prijs van het Liga der Mensenrechten
    • Nieuwjaarsbrief aan een gevangene van kunstenaar Koen Vanmechelen
    • "Onze taak is mensen bewaren, niet opsluiten"
    • Nieuwjaarsbrief aan een gevangene van Griet Op de Beeck
    • Nieuwjaarsbrief aan een gevangene.
    • ‘Hier leef ik. Hier moet ik het mee doen’
    • Eindelijk uit de vergeetput!
    • Geïnterneerden krijgen eindelijk menswaardig leven.
    • De wonderbaarlijke reconversie van zware jongens tot gediplomeerde fitnesstrainers
  • in andere bisdommen
    • Bisdom Mechelen
    • Bisdom Antwerpen
  • contact
  • video's
  • Thuisfront
  • Huub Oosterhuis aanmoedigingsprijs
Foto

Marijke Deconinck,
gehuwd, mama geworden van 3 kinderen en oma van 3 kleinkinderen,
geschoold door het werken tussen mensen met beperkingen,
geroepen tot bondgenoot van gedetineerden en hun families
“Waar is je broer?”
“Ben ik soms de hoeder van mijn broer?”
Twee vragen uit het boek Genesis, het boek van de menswording.
Ruim 20 jaar geleden stuurde ik als lid van een assisenjury een man voor vele jaren naar de gevangenis. Recht was geschied, de man was veroordeeld.
De man? Of was het de misdaad? Vanwaar komt die blijkbaar diepgewortelde reflex om een dader te doen samenvallen met zijn misdaad? Is het een vorm van wraak nemen? Is het de angst, angst voor die ‘ongewenste bij uitstek’? Hebben wij een ‘vijand’ nodig om alle kwaad op te kunnen projecteren?
“Vrees niet!”
“Waar is je broer?”
Wié is mijn broer?
Door het project Tralies uit de weg, een initiatief ontstaan op vraag van enkele gevangenisaalmoezeniers, kreeg ik de kans om deel te nemen aan gespreksavonden in de gevangenis. Een ontmoeting tussen mensen van binnen en buiten de muren, een wonderlijke kans om mijn broer, mijn zus te herkennen.
Vele jaren al mag ik deelgenoot zijn van zoveel verdriet, zoveel onmacht, zoveel kwetsbaarheid, zoveel gekwetst-zijn, zoveel onverwerkt verleden, zoveel angst, zoveel schaamte …. maar ook zoveel verlangen, zoveel goede wil!
Ik leerde behoedzaam worden in mijn denken en spreken over…
Waarom en wát schreef Jezus in het zand?
Ik leerde hoe belangrijk het behouden van een netwerk is, om te overleven.
En wat als dit er niet meer is????
Wanneer mensen bereid zijn om diep in elkaar’s ogen te kijken, dan ziet men geen labels meer. Men ziet geen taal of komaf of een nationaliteit. Wat men wel ziet is een ziel en wie een ziel ziet, ziet zuiverheid, warmte en vooral kwetsbaarheid. ~ Badr YouyouWanneer mensen bereid zijn om diep in elkaar’s ogen te kijken, dan ziet men geen labels meer. Men ziet geen taal of komaf of een nationaliteit. Wat men wel ziet is een ziel en wie een ziel ziet, ziet zuiverheid, warmte en vooral kwetsbaarheid. ~ Badr Youyou
Eind de jaren zestig schreef de protestantse theologe Dorothée Sölle
in haar politiek avondgebed deze aanklacht:
Ik was in de gevangenis en jullie hebben zich niet om mij bekommerd. Ik was in de gevangenis en jullie hebben mijn gezinsleden genegeerd en hen erop aangekeken. Ik was in de gevangenis en jullie hebben jullie kinderen verboden om met mijn kinderen te spelen. Ik was in de gevangenis  en het kon jullie niet schelen dat mijn huwelijk strandde. Ik was in de gevangenis  werd ontslagen en vond geen nieuw werk. Ik was in de gevangenis en jullie zeiden dat het allemaal geen zin had, want ik zou toch hervallen.
Willen wij mensen ‘met een verleden’ toch nog toekomst gunnen en geven?
Zoals die vader die op de uitkijk stond?
Het is geen vanzelfsprekende weg. En toch …
Toch is het ónze verantwoordelijkheid.
Wij zijn tot elkaar veroordeeld.
Een tekst die mij telkens opnieuw in beweging brengt, is de oeroude psalm 88.
Het zou het gebed van een gedetineerde kunnen zijn.
Psalm 88 in een hertaling van Huub Oosterhuis
Hoor je mijn gekrijt
af en aan – je hoeft
niets te zeggen jij
als je me maar hoort.
Nacht staat om mij heen
hoge blinde muur
woest en leeg van ziel
dwaal ik in mezelf
een die niets begint
een die niet kan gaan
stenen in een kuil.
Zeggen ze ‘kom op’
maar ik weet niet hoe
en ik roep de dood
en ik denk me weg
vallend uit de tijd
buiten jouw bereik
tot waar niemand niets
uitgewiste naam.
Al mijn liefsten zijn
heen ondenkbaar ver
een afschuwelijk ding
ben ik stinkend aas
niemand wil me meer
tot vergetelheid
dood is dood gedoemd
ben ik – waar en wie
ben jij die zou zijn
die zou zijn met mij –
hoor je mijn gekrijt?


Powered by Create your own unique website with customizable templates.